top of page
  • Paul Dijkman & Mieke Bosse

Dijkman en Bosse gaan op stap: de Markersteden



Paul Dijkman en Mieke Bosse onderzoeken de stand van zaken rondom nieuwbouw in Nederland. Deze keer maken ze een road trip rond het Markermeer. Dijkman wil in één keer de Nederlandse woningnood oplossen en tegelijk het Nederlandse landschap te redden. Een utopie? Er zouden desnoods 2 miljoen woningen gebouwd moeten worden rond Het Blauwe Hart, het Markermeer. Bosse is sceptisch. We gaan er eens kijken: een rondje Markermeer in de auto. Alle tijd om eens flink te kibbelen.



Het is een prachtige dag. Dijkman haalt Bosse op bij Station Sloterdijk.


Bosse komt aanwandelen: Wat ik niet begrijp is dat we na 2500 jaar architectuurkennis zulke lelijke omgevingen kunnen bouwen als dit. We zijn in de hoofdstad van een welontwikkeld land en DIT is in volle bewustzijn ontworpen door opgeleide architecten en stedenbouwkundigen.

Dijkman: Troosteloos, maar vandaag gaan we iets moois doen.



We gaan op weg. Het rondje Markeermeer begint op de westelijke oever, dan oversteken via de Houtribdijk van Enkhuizen naar Lelystad, en terug naar Amsterdam via de oostoever.


B: Dus jij hebt een idee voor een stad aan het Markermeer? Vertel.

D: De kern is simpel. Als we zo doorgaan wordt het Nederlandse landschap stapsgewijs dicht gebouwd. Stop daarmee. Wat weg is, komt nooit meer terug. Wijs een plek aan. Concentreer de nieuwbouw op één locatie. Bouw een middelhoge stad rondom het Markermeer.

B: Toe maar. Ik geloof nooit dat er één ding is dat de oplossing voor alles kan zijn. Je moet altijd meer dingen hebben. Ken je die plannen waar Almere, Pampus en Amsterdam als een geheel benaderd worden?

D: Ja, en dat is volkomen logisch, maar bij lange na niet genoeg om onze fraaie dorpen, provinciesteden en het platteland te redden. We hebben in Nederland een groen hart, dat ook al dichtgroeit. Ik pleit voor een blauw hart als tweede kern. Het water wordt omringd, niet ingenomen.

B: Ben je wel eens in de Blauwe Stad geweest?

D: Dat dorp van nog geen 2000 inwoners? Nee, het is geen oplossing. Het is juist tekenend voor de Nederlandse nonchalance met ruimte.


Bosse is er wel een paar keer gaan kijken en houdt haar mond.


D: Er is wel een overeenkomst: gebruik het water, geniet. Ik denk aan een keten van nieuwe havensteden met zwemstranden, zeilboten. Sociale steden met veel pleinen, groen, beloopbaar en bevaarbaar. En in het meer nog veel meer Markerwadden, grote rietvelden, paaigronden.

B: Afgezien van het feit dat deze Markersteden een leuk idee kunnen zijn, lossen ze natuurlijk niets op in de Achterhoek of Zuidoost-Brabant.


Dijkman is streng: We breken daar niets af maar voorkomen slechts de zoveelste oeverloze Vinex-pannenkoek. Een straatje bij een dorp erbij moet kunnen, maar 50 straten in 50 jaar niet. Denk aan de toekomst. De koek is op. Red het platteland.


Bosse zwijgt wijselijk. Erg reëel lijkt het haar niet.



Boven Monnickendam ligt Katwoude. We rijden de Hoogedijk op. Hier is het bezoekerscentrum van de Alliantie Markermeerdijken, gevestigd in een giga-bouwkeet. De Expo ‘Dijk In Uitvoering’ geeft uitleg over de dijkwerkzaamheden. Ze worden versterkt om klimaatbestendig te worden, en er komen doorlopende wandel- en fietspaden. (check: markermeerdijken.nl). We kijken rond.



B: Vertrouw jij op de maatregelen die de stijging van de zeespiegel moeten compenseren?D: Ja, we kunnen 5 meter aan, volgens de laatste inzichten.

B: Dat las ik, maar dan zijn er wel HEEL VEEL maatregelen nodig. Heel veel geld.

D: Die maatregelen zijn deels genomen, deels ingeschaald, en het geld is gereserveerd.

B: Vooropgesteld dat het goed gaat met de wereld en dat we niet in apocalyptische toestanden belanden. Dan is er wanorde, ontbreekt geld en loopt West Nederland gewoon onder water.



We rijden een stuk over de Zeedijk. Er is hier echt veel ruimte, dat wel, maar hoe logisch is de plek? Blijft de zeestijging beperkt, of wordt het meer dan 5 meter? Bosse zag jaren geleden een plan voor een dijk tussen Noorwegen en Schotland en eentje tussen Bretagne en Wales. Het zou het laaggelegen culturele erfgoed veiligstellen van Noorwegen, Zweden, Finland, Rusland bij St Petersburg –een mooie, laaggelegen stad –, Estland, Letland, Litouwen, Polen, Duitsland, Denemarken, Nederland, België en Frankrijk. Heel veel goedkoper dan lokale maatregelen.


B: Ik dacht toen: doen. Maar het plan verdween in de nevelen van de bureaulades – er is geen bevoegd gezag voor een dergelijk plan. Daarom houd ik rekening met een apocalyptisch perspectief.

D: Ik ben meer een eco-modernist. Ik geloof in de inventiviteit van de mens.

B: Als je op hogere grond bouwt ben je minder afhankelijk van de zeestijging.

D: We geven Amsterdam niet op. Het Westen wordt behouden. Het voordeel van nieuwbouw rond het Markermeer is dat je de hele waterhuishouding binnen één systeem kunt regelen.

B: Systemen kosten energie. Ik geloof niet dat je met die Markersteden alle Nederlandse problemen kan oplossen. De herstructurering van de landbouw bijvoorbeeld, die is zo ingrijpend, daar hoort nieuwbouw bij.

D: Dat kan ook, maar wel beperkt. Hier en daar een gehucht bij een extensief landbouwbedrijf is geen probleem, die worden opgenomen in het landschap, mits aandachtig ontworpen. Ik keer me tegen de oeverloze, vruchtbare-grond-vretende Vinexwijken. NL moet omschakelen naar een duurzame extensieve landbouw. We hebben meer grond nodig, niet minder. En meer natuur, bomen, bossen.

B: Welke wijk vind jij een oeverloze Vinexwijk?

D: De meeste.

B: We waren laatst samen in Weespersluis. Je vond het prachtig ontworpen!

D: Maar het vreet grond, een groot gebied. Dit kan zo niet doorgaan. We moeten compacter gaan bouwen, middelhoog, 4 tot 6 lagen. Door de dichtheid ontstaat ook beloopbaarheid omdat winkels en koffiezaken dan rendabel zijn. In Vinexwijken zit het dagelijks autogebruik ingebouwd. Daar moeten we vanaf.

B: Ik geloof in straten, ik geloof in wonen als basis voor succesvolle steden. Ik geloof allereerst in de mensen die er wonen. Straten vind ik cruciaal, leuke straten kunnen leuke buurten maken. Buurten waar je niet weg wilt.

D: Ik geloof ook in straten, maar wel met stevige woondichtheden en een mix van functies.

B: 6 lagen is genoeg. Als je meer dan 6 lagen hoog bouwt, heb je veel energie nodig om je gebouw te laten functioneren. Liften, water, riool, alles. En dat wordt steeds problematischer als je hoger gaat.

D: Ja, klopt. En niet alles hoeft 6 lagen hoog, het moet gedifferentieerd.



B: Maar hoezo 2 miljoen woningen?

D: We hebben nu al een tekort van 1 miljoen, en daar komt nog veel bij door de globalisering, werkers, klimaatvluchtelingen, oorlogsvluchtelingen. Er komt veel op ons af.

B: Dan heb je het over een stad die 4 keer zo groot is als Amsterdam. Shanghai aan het water?

D: Parijs aan het water. De Markerstad wordt niet ontworpen met losse torens maar met stedelijke wanden die stedelijke huiskamers componeren. Zo worden er mooie dichtheden bereikt. Uiteindelijk kunnen de Markersteden in tweehonderd jaar aaneengroeien tot de Marker Metropool, een smalle ring rond het water met zoveel mogelijk uitzicht op de woelige baren.

B: Dat meen je niet!

D: Zo redden we de rest van het land.

B: Waarom zo radicaal?


Kibbelend rijden we de Houtribdijk op, de verbinding tussen Enkhuizen en Lelystad.

Het is van een grote schoonheid, de weg, het water, de luchten. Hier is pas echt veel ruimte.





B: Een stad aan deze dijk, dat zou kunnen. Dan storen we de oude Markerdorpen niet.

D: Of twee steden. Eentje in het midden, en een bij Lelystad, als buitenwijk.



Bataviahaven is het nieuwe waterfront van Lelystad, ontworpen door de onlangs overleden Rob Krier (1938 – 2023), pionier van de traditionele architectuur en stedenbouw. Krier schonk Lelystad een nieuw gezicht. Hij is niet meer, maar laat veel moois na. Het is onbegrijpelijk dat van dit sterke plan slechts 2 van de 5 bouwblokken gebouwd zijn.



We lunchen bij ‘De Rede van Bataviahaven’, op het terras. Het is een doordeweekse dag, en toch is het opvallend druk. Hier? In Lelystad? Enig informeren leert ons dat ‘De Rede’ niet alleen bezoekers trekt uit Lelystad maar ook uit Almere en Enkhuizen, en zelfs toeristen uit Duitsland. En de outlet helpt. Lelystad rules! Wat extra Markersteden zou die positie versterken en het accent naar het noorden verleggen.



Dijkman stelt voor een ring van spoor aan te leggen rond het Markermeer, met een link naar Noord-Nederland. Daarover zijn Bosse en Dijkman het eens. Haar bureau werkte aan de Hanzelijn die Almere, over Lelystad en Kampen, met Zwolle verbindt.



Weldoorvoed stappen we weer in en rijden nu zuidwaarts, over de Oostvaardersdijk langs de Oostvaardersplassen. De Flevopolder heeft hier de onderwaternatuur omgetoverd in bovenwaternatuur.


D: Het probleem van onderwaternatuur is dat het zo onzichtbaar is en daardoor advocaten mist. Maar goed, nu de situatie zo gegroeid is moeten we het natuurgebied respecteren en hier niet bouwen. Er is hooguit plek voor wat drijvende dorpen in het meer.

B: Drijvende dorpen moeten klein zijn, het liefst zelfvoorzienend en bewoond worden door eco-fanatici, die geen vuiltje willen achterlaten. Anders is vervuiling onontkoombaar.

D: En het onderwaterleven moet voldoende licht krijgen. Aaneengesloten drijvende woningen verstikken alles. Ook waterleven telt. Geen waterpannenkoek!



Het waterige natuurgebied links van de dijk is schitterend en lang, groot, groots. Niets meer aan doen. Genietend naderen we Almere. We zijn vooral benieuwd naar Almere Pampus. Dit nieuw stadsdeel komt aan het water en zou heel veel mensen kunnen huisvesten. De locatie is ideaal, mooi dicht bij Amsterdams IJburg ook, het wordt een logisch geheel, prachtig aan het water.


B: Bouwen!

D: Ja, bouwen.



We rijden nog wat door Almere Poort. De begane grond aan de Europalaan is zowaar volledig in gebruik met winkels en horeca. Binnen 10 jaar een kapper, een bakker, een bloemenwinkel en nog veel meer, hoera!


De torens van Almere Duin prijken aan de horizon. Dijkman vindt torens hier niet nodig, want er is ruimte genoeg. Er is wel mooi uitzicht.



Bosse bekent dat ze niet wilde werken aan een plan in Almere Duin. Hoezo moesten er duinen in een polder gemaakt worden? Omdat het kan? De wijk lijkt wel een succes.


We brengen tot slot een bezoek aan Almere Haven. Dit oudste deel van Almere is gebouwd in economisch moeilijke tijden. Toch is er veel geïnvesteerd in groen langs de wegen, zeker vergeleken bij de huidige straatprofielen. De narcissen bloeien op brede gazons langs de bermen.



Stedenbouwkundige kwaliteit werd destijds anders gewaardeerd en gedefinieerd. Wat we van de gebouwen zien op onze route keert zich van ons af en maakt geen straat. Het groen is geen wandelgroen. We worden een beetje verdrietig, er is best veel gebouwde lelijkheid in dit oude deel. Van de haven willen we graag een foto, maar er wordt aan de weg gewerkt of aan de parkeergarage of de slagbomen of de betonnen banden. Dijkman wacht met knipperlichten tussen de betonblokken, Bosse ontsnapt de auto en neemt een foto van de haven op zijn best.



Voorbeeld voor onze Markersteden? Liever Batavia Haven in Lelystad.


Terug op weg naar Amsterdam maken we de balans op.

Waarover zijn we het eens?

Bataviastad afmaken, en snel.

Almere Pampus afmaken en groot maken.

Almere Poort afmaken.

Markerstad in het midden van de Houtribdijk, goed idee.

Waarover zijn we het niet eens? Heel veel, en dat is nou net de lol.



Mieke Bosse: SCALA architecten

238 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven

コメント


bottom of page